Nieuws

1 oktober 2018

Duurzame toekomst voor gemeenschapshuis de klokkestoel heibloem

Op 24 september vond in de Klokkestoel in Heibloem een bijeenkomst plaats waar inwoners met elkaar spraken over een duurzame toekomst van de gemeenschapsaccommodatie. Aanleiding hiervoor is de plaatsing van twee windmolens door energiecoöperatie Zuidenwind, waardoor middelen vrijkomen die geïnvesteerd worden in Heibloem. Om te voorkomen dat er meerdere plannen zijn waardoor Zuidenwind moet gaan kiezen waar het geld naartoe moet, zoekt Heibloem naar een eenheid waardoor er één gedragen plan komt op welke manier de middelen geïnvesteerd kunnen worden.

Namens de gemeenschapsraad opent Johan Hoenink de avond en heet iedereen van harte welkom. Het doel van de avond is om met elkaar stil te staan bij de toekomst van Heibloem. Nu Zuidenwind het dorp middelen biedt voor verduurzaming, is het belangrijk om te voorkomen dat verenigingen met elkaar gaan concurreren om de zak met geld. Daarom is er in eerste instantie gekozen om de Klokkestoel, als gemeenschapshuis van het dorp in ieders belang, te gaan verduurzamen. Niet alleen op fysiek of technisch gebied, maar juist ook op sociaal vlak. Een aantal jaar geleden heeft het dorp bewezen met het project 'Ons Heibloem' er samen de schouders onder te kunnen zetten.  Spirato, in de persoon van Kevin Relouw, begeleidt de avond als onafhankelijke voorzitter.

Inspiratie: Dorpscoöperatie Steingood Beringe

Ter inspiratie is deze avond ook Thijs Rutten uit Beringe aanwezig. Thijs is jarenlang voorzitter geweest van gemeenschapshuis De Wieksjlaag en vertelt over het ontstaan van dorpscoöperatie Steingood, waar hij inmiddels voorzitter van is. In Beringe zijn ze gestart met het maken van een dorpsontwikkelingsplan (DOP) om te bepalen waar het dorp in de toekomst behoefte aan heeft en hoe de mensen dat (grotendeels zelf) willen realiseren. Hierin werd ook naar de bestaande voorzieningen gekeken. Het probleem is echter altijd dat een dorp zelf nauwelijks geld heeft om verbouw/nieuwbouw van voorzieningen te betalen. In Beringe waren een aantal miljoenen nodig om het nieuwe gemeenschapshuis te kunnen bouwen. Uiteindelijk werd dit bedrag door gemeente, EU, eigen middelen en een lening van de Rabobank bijeengebracht. In 2007 werd het gemeenschapshuis opgeleverd. Echter, inmiddels is het alweer 2x verbouwd, wat eigenlijk geen goede zaak is. Destijds werd het gebouwd als huis voor de verenigingen, waarin iedere vereniging zijn eigen plekje had. Terwijl het eigenlijk gebouwd had moeten worden als huis voor het dorp, waarbij er andere gebruikseisen aan het gebouw worden gesteld.

In 2010 werd bekend dat het bestaansrecht van zowel kerk als pastorie sterk onder druk stond. De parochie was arm en zou het niet lang meer zelfstandig volhouden. Ook hiermee wilde het dorp actief aan de slag. Het dorp heeft echter geen geld, wel veel vrijwilligers.

Om alle ontwikkelingen in het dorp goed te kunnen organiseren, is in 2013 dorpscoöperatie Steingood opgericht, waarin school, kerk en gemeenschapshuis zijn ondergebracht. De coöperatie is in feite een soort van paraplu voor de voorzieningen in het dorp. Inwoners en organisaties kunnen lid worden. De coöperatie heeft 2 mensen in dienst. De coöperatie maakt zichtbaar hoe vrijwilligerswerk kosten bespaart, bijvoorbeeld op onderhoudskosten. Deze besparing wordt vervolgens gebruikt om een dorpsfonds te vullen, dat weer ingezet wordt om projecten en activiteiten in het dorp te financieren, zoals het jaarlijkse dorpsfeest.

Belangrijke lessen uit Beringe:

 

1.    Wat je als dorp zelf bedacht, beslist en geregeld hebt, daar is draagvlak voor en dus houdbaar op lange termijn. Je maakt mensen (mede) verantwoordelijk en creëert daarmee eigenaarschap.

2.    Als je je als dorp goed organiseert en samenwerkt, genereer je een verbond (in het voorbeeld een coöperatie) waarin niet alleen goede afspraken gemaakt worden, maar wat ook nog eens geld oplevert om te investeren in je eigen dorp, waardoor je minder afhankelijk wordt van subsidieverstrekkers zoals de gemeente. Zie de gemeente vooral als partner in plaats van financier. 

 

 

Buurtcoöperatie Boerderijweg

Hennie Korten vertelt namens de bewoners van de Boerderijweg over de contacten met energiecoöperatie Zuidenwind. In 2015 kregen de bewoners bericht dat er vanuit de windmolen Coöperwiek gelden te besteden waren aan de omgeving. De eigenaar, Zuidenwind, wilde echter niet dat de bedragen aan individuele particulieren of bedrijven uitgekeerd zouden worden. Men wilde juist dat iedereen in de omgeving kon profiteren van de middelen en dat deze middelen aan één organisatie uitgekeerd zouden worden. Daarvoor moest er wel worden samengewerkt. Uit deze samenwerking is de buurtcoöperatie ontstaan, die nu 15 leden telt. Met behulp van de middelen van Zuidenwind plus eigen inleg is het gelukt om in 8 maanden tijd een glasvezelnetwerk voor de buurt aan te leggen. Voorwaarde was wel dat 100% van de leden van de coöperatie zouden meedoen. Zuidenwind heeft hierin gefaciliteerd, onder andere door contacten te leggen met aanbieders van glasvezel. Inmiddels is de buurtcoöperatie ook bezig met de verbetering van de verkeerssituatie van de wegen rondom de Boerderijweg en met het project zon voor asbest (7 stuks), waarbij asbestdaken worden vervangen door zonnepanelen. Bij deze activiteiten worden ook middelen uit het omgevingsfonds ingezet.

 

Energiecoöperatie Zuidenwind

Als secretaris van Zuidenwind is Albert Jansen betrokken geweest bij de oprichting van windpark Neer – windmolen de Coöperwiek – en nu de 2 windmolens van windpark Heibloem. De regering heeft beslist dat de helft van de energie die op basis van het landelijke Klimaatakkoord duurzaam dient te worden opgewekt, afkomstig is van lokale energiecoöperaties.

In 2015 is windmolen Coöperwiek opgeleverd. Zoals in het verhaal van de buurtcoöperatie te lezen is, zijn de middelen voor omgeving ingezet om draagvlak te creëren en om de omgeving ook echt te helpen. Zuidenwind wil deze manier van werken ook graag toepassen in Heibloem en Ospeldijk, het andere plangebied. In een zogenaamd omgevingsfonds wordt € 0,50 per megawattuur gestort voor de omgeving. Één paal levert zo ongeveer € 10.000 per 15 jaar op voor het omgevingsfonds. Geld dat verdiend wordt met windenergie, wil men zo (deels) inzetten voor de buurt. De oproep vanuit Zuidenwind is dan ook: vorm een eenheid, dan hoeven we niet te kiezen waar het geld naartoe gaat. Zuidenwind wil overigens de omgeving ondersteunen met meer dan alleen geld: ook kennis, netwerk en procesbegeleiding behoren tot de mogelijkheden, indien daar behoefte aan is. Zuidenwind hoort graag voor 19 maart 2019 welke plannen Heibloem heeft met betrekking tot de middelen in het omgevingsfonds.

 

Tafelgesprekken

Na de pauze is het woord aan de aanwezigen: waar is volgens u behoefte aan om de Klokkestoel te verduurzamen, zowel op fysiek (technisch) als sociaal vlak? Uit de 4 gesprekstafels komt onder meer naar voren:

- Bekijk de Klokkestoel in relatie tot de andere accommodaties in het dorp: waar hebben we

over een paar jaar behoefte aan?

- De huidige inrichting van de Klokkestoel met allemaal hokjes en bijgebouwen is vaak niet geschikt voor de activiteiten die we als dorp willen organiseren;

- Commerciële exploitatie mogelijk? Terras?

- Het pand energieneutraal maken, wat is daarvoor nodig?

- Hoe kunnen we een duurzame exploitatie

waarborgen?

Hoe gaat het verder?

Aan het einde van de avond koppelen de gesprekstafels kort hun bevindingen terug. Er blijken een behoorlijk aantal thema’s aan alle 4 de tafels genoemd te zijn. Ook blijkt dat veel zaken verder uitgezocht dienen te worden. Een vijftiental aanwezigen geeft aan te willen meedenken/meewerken aan het verder uitdiepen van wat een duurzame toekomst voor de Klokkestoel kan inhouden.

Vooralsnog wordt ingezet op het betrekken van zoveel mogelijk mensen en organisaties om mee te denken over een duurzame toekomst voor de Klokkestoel.

Heibloem1

Naar het nieuwsoverzicht